Tolkien's The Children of Húrin - Heldendom en Tragedie

27 Juli 2007 - door O.S.

"A Túrin Turambar turún' ambartanen: master of doom by doom mastered!"
De aankondiging van J.R.R. Tolkien's 'nieuwste' boek heeft bij sommigen misschien enigszins argwaan gewekt. Ik ben waarschijnlijk niet de enige geweest die, na het beleven van de gigantische aandacht en industrie rondom Peter Jackson's verfilming van The Lord of the Rings, zich afvroeg wat dit nieuwste werk, meer dan 30 jaar na Tolkien's dood, wel niet moest inhouden, en of het niet de zoveelste truc zou zijn om nog wat meer geld te verdienen aan 's mans rijke oeuvre. De gehele serie van The History of Middle-Earth, die een zeer uitgebreide inventarisatie van Tolkien's handschriften en ideeën behelst, is inmiddels afgesloten, en wat blijft er dan nog over, kan men zich afvragen. The Children of Húrin is dan ook geen jarenlang 'verborgen' werk dat een geheel nieuw licht laat schijnen op Tolkien's Middle-Earth. De kenners van Tolkien's werk zullen ook vrij snel hebben doorgehad dat het boek betrekking heeft op de verhalen rondom Húrin en (met name) zijn zoon Túrin, zoals verteld in The Silmarillion, en in een uitgebreide vorm ook nog eens in Unfinished Tales. Diezelfde kenners zullen echter ook weten dat de versie van het verhaal in The Silmarillion erg beknopt is (zo rond de 30 pagina's) en dat die in Unfinished Tales (rond de 100 pagina's) incompleet is en aangepast aan de stijl van dat boek.

Dit is dan ook de reden waarom Christopher Tolkien, bezorger van het meeste posthume werk van zijn vader, dit verhaal heeft gekozen voor een op zichzelf staande uitgave. Zoals hij uitlegt in het nawoord op The Children of Húrin:

It thus seems unquestionable, from my father's own words, that if he could achieve final and finished narratives on the scale he desired, he saw the three 'Great Tales' of the Elder Days (Beren and Lúthien, the Children of Húrin, and the Fall of Gondolin) as works sufficiently complete in themselves as not to demand knowledge of the great body of legend known as The Silmarillion. (10) [1]

Het doel was om zo'n op zichzelf staande versie te verwezenlijken, wat nu dus gelukt is. Door het vergelijken van de verschillende versies van het verhaal die zijn te vinden in J.R.R.'s nalatenschap heeft Christopher een groot geheel geschapen, dat met name trouw is aan de versie in Unfinished Tales, maar dan met een eenheid van stijl, tempo en inhoud die een onafhankelijk verhaal vereist. Het resultaat is een fraai boek van iets meer dan 300 pagina's, met genoeg bij-informatie om het verhaal te kunnen plaatsen binnen Tolkien's mythologie, maar zonder dat dit afleidt van de belevenissen van Túrin. Dat is namelijk de grootste verdienste van dit boek: voor het eerst krijgt deze tragische held (misschien wel Tolkien's meest tragische) een heel boek voor zichzelf, zonder slechts een schakel te zijn in de ketting van een lange geschiedenis. Over de aard van dit heldenverhaal zal ik in het tweede deel van dit artikeltje verder uitwijden, en dat deel zal dan ook het grootste deel van het verhaal verklappen. Degenen die dit liever zelf uitvinden wordt dan ook aangeraden om dat deel te bewaren tot na het lezen van The Children of Húrin.

Dat het boek het aanschaffen waard is, dat staat voor mij in ieder geval buiten kijf. Door de hierboven genoemde aard van het verhaal is dit boek veel meer als The Hobbit of The Lord of the Rings, en minder slechts een achtergrondsboek voor degenen die diep in Tolkien's universum willen duiken. Hoewel de stijl enigszins hoogdravend is (zoals bij alle werken van Tolkien) is het verhaal uitgebreid uitgewerkt, en daarmee een stuk toegankelijker dan The Silmarillion, dat toch altijd meer iets voor de Tolkien-fanatici is gebleven. Degenen die het dus altijd bij The Hobbit en The Lord of the Rings hebben gehouden zouden The Children of Húrin daarom zeker een kans moeten geven.

Daarnaast is het verhaal dusdanig anders qua inhoud, puur en alleen al vanwege de tragiek in het verhaal, dat zeker een nieuwe kant van Tolkien's werk laat zien, een kant die bijzonder dicht tegen de klassieke, Germaanse en (zoals we zullen zien) Finse heldenvertellingen aan ligt. Tegelijkertijd blijft het verhaal trouw aan Tolkien's eigen schepping: The Children of Húrin staat stevig gegrond in het fantastische maar geloofwaardige Middle-Earth, en lezers van The Lord of the Rings zullen vele elementen in dit boek herkennen.

Ten slotte zijn er nog de illustraties. Alan Lee heeft wederom een prachtige serie afbeeldingen afgeleverd, zowel platen in kleur als potloodtekeningen tussen de tekst door. Voor degenen die, zoals ik, de geïllustreerde versie van The Hobbit bezitten, zal dit herkenbaar zijn. Wat mij betreft voegen deze illustraties zeer veel toe aan de sfeer, en het is dan ook een goede zet om zelfs de standaardeditie van het boek ermee uit te rusten. Voorproefjes van Lee's werk zijn te zien op de downloadpagina van de officiële Tolkien-site. Kortom, dit is een prachtig werk, dat ondanks de 'herkauw-factor' niet misstaat in zowel de beginnende als ervaren Tolkien-boekenkast.

* Volgt nu de verhaalanalyse - inclusief verklapte elementen! *

Hierboven schreef ik al dat ik The Children of Húrin beschouw als een van de verhalen waarmee Tolkien het dichtst bij de heldentraditie van verschillende Europese volkeren komt. Zelfs een beginnende lezer van dit boek zal erkennen dat er in het leven, doen en sterven van Túrin Túrambar (Túrin, 'Meester van het Lot') elementen zitten dat 'wij' (als Westerlingen) associëren met 'heldendom'; het doden van een draak die het land bedreigt is waarschijnlijk een van de meest voor de hand liggende. Tolkien laat zich echter door meer inspireren dan alleen bekende sprookjesmotieven. Verweven in een verhaal dat speelt temidden van de lange, vaak hopeloze strijd tussen de Elven en de duistere god Morgoth vinden we elementen uit zowel de Germaanse heldentraditie als de Finse.

Maar eerst, een korte uiteenzetting van het verhaal. Húrin is de leider van een geslacht mensen dat samen met de Elvenvolkeren strijdt tegen de legers van de gevallen Vala Morgoth. Húrin is getrouwd met Morwen, en hun zoon heet Túrin. Tijdens de Nirnaeth Arnoediad ('Slag der ontelbare tranen') wordt Húrin gevangen genomen en voor Morgoth gebracht, die hem vervloekt en Húrin voor eeuwig vanaf een hoge berg laat toezien hoe zijn duistere legers over de wereld trekken. Na de nederlaag in de slag stuurt Morwen Túrin naar de elvenkoning Thingol, zodat Túrin - nu de erfgenaam van het huis - veilig kan opgroeien. Kort daarna wordt Túrin's zuster Niënor geboren. Túrin wordt opgevoed door Thingol, maar blijkt al snel geboren te zijn voor problemen. Eenmaal volwassen geworden veroorzaakt hij na een ruzie de dood van de elf Saeros, maar vlucht voordat hij berecht kan worden. Hij wordt vogelvrij en leider van een groep bandieten. Na een ontmoeting met zijn oude elfenvriend Beleg besluit Túrin voortaan alleen nog maar op de orcs van Morgoth te jagen. Het noodlot slaat echter wederom toe. Na gevangen genomen te zijn door orcs wordt Túrin bevrijd door Beleg, maar omdat hij beneveld was door het gevangenschap ziet hij Beleg aan voor een orc en doodt hem per ongeluk. Na verdere omzwervingen komt Túrin terecht in Nargothrond, een vesting van de elven. Daar groeit hij uit tot raadsman van koning Orodreth, en laat hij het zwaard van Beleg hersmeden. Morgoth zat al die tijd echter niet stil, en stuurt Glaurung, grootste aller draken, de wereld in. Glaurung verwoest Nargothrond, maar Túrin ontsnapt en is wederom alleen in de wildernis. Daar komt hij zijn zus Niënor tegen, die echter eerder door Glaurung was behekst, waardoor zij haar geheugen had verloren. De twee herkenden elkaar niet (hij had zijn zus nog nooit gezien) en worden verliefd en trouwen. Glaurung teister nog steeds het land, en Túrin trekt erop uit om de draak te doden. Dit lukt, maar Túrin wordt bedwelmd door het bloed van Glaurung en wordt dood gewaand. Niënor is verslagen bij de aanblik van haar dode man, en op dat moment heft de stervende draak de betovering op. Niënor weet opeens alles weer, en wordt zich bewust van haar incestueuze relatie. Gebroken gooit ze zichzelf van een klif. Als Túrin vervolgens wakker wordt er hoort hoe alles in elkaar zit, is ook hij verslagen, en pleegt hij zelfmoord door zich op zijn zwaard te werpen. [2]

Tolkien was naast schrijver ook filoloog, en als kenner van het Oudengels en de andere Oudgermaanse talen was hij zeker bekend met de verhalen rond de held Sigurd (Duits: Siegfried). Sigurd was de doder van de draak Fafnir, zoals onder andere wordt verteld in de Völsunga saga en de Poëtische Edda. Evenals Túrin doodt Sigurd de draak van onderen, maar daar houden de overeenkomsten nog niet op. Een ander motief is bijvoorbeeld de magische krachten van het drakenbloed. Dat van Glaurung is giftig, terwijl dat van Fafnir een ondoordringbare huid geeft. Maar misschien wel het belangrijkst is het zwaard. Sigurd vecht met het zwaard Gram, wat hij heeft geërfd van zijn vader Sigmund. Het zwaard van Sigmund brak bij diens dood, maar de twee stukken wist hij aan zijn vrouw Hjördis mee te geven om te bewaren voor Sigurd. Later wordt het zwaard opnieuw gesmeed en is het een formidabel wapen, scherp genoeg om een vlokje wol doormidden te hakken en, zo blijkt, een drakenbuik. Het zwaard van Túrin, Gurthang ('Doodsijzer') heeft een andere afkomst, maar een vergelijkbaar lot. Túrin's vriend Beleg Strongbow was in het bezit van het zwaard Anglachel ('IJzer van de Vlammende Ster'), maar toen Beleg Túrin bevrijdde prikte hij Túrin per ongeluk met zijn zwaard. Túrin was nog erg verward door zijn gevangenschap, en bovendien was het nacht, dus hij dacht dat Beleg een orc was die hem kwam kwellen. Toen hij los was greep hij Anglachel en doodde zijn beste vriend. Het zwaard liet hij later hersmeden tot Gurthang. Een zeer duidelijke parallel, en een van de eerste in het boek die The Children of Húrin duidelijk in een historische literaire traditie plaatst. Maar er is meer in de Sigurd-cyclus dat bekend aandoet. Sigurd's vader Sigmund heeft namelijk onverhoopt een kind (Sinfjötli) verwekt bij zijn eigen zus Signy, die op een avond magisch vermomd met hem het bed deelt. [3]

Het incest-motief vinden we ook terug in de Finse liederen over Kullervo [4], zoals verzameld in de Kalevala. Kullervo is de zoon van Kalervo, die verwikkelt was in een grote strijd met zijn broer Untamo. Kalervo's familie wordt uitgeroeid, maar Kullervo's moeder wordt gevangen genomen door Untamo, alwaar ze Kullervo ter wereld brengt. Untamo probeert de jongen te doden, maar dit mislukt, en hij wordt verkocht als slaaf. Later vindt Kullervo zijn ouders terug, die niet dood blijken te zijn, maar zijn zus is wel vermist. Tijdens een van zijn reizen komt hij haar tegen, maar ze herkennen elkaar niet. Hij verleidt haar en ze bedrijven de liefde met elkaar. Later vragen ze naar elkaars afkomst en komen ze erachter dat ze broer en zus zijn. Zij is buiten zinnen en gooit zichzelf in de rivier (evenals Niënor). Ook Kullervo is een gebroken man, en na de dood van zijn verwanten te wreken op Untamo, beneemt hij zichzelf het leven door zich op zijn zwaard te storten. En hierin herkennen we natuurlijk de laatste momenten van Túrin. Nadat hij ontdekt getrouwd te zijn met zijn zus, vraagt hij aan Gurthang of deze zijn leven wil nemen. Het zwaard spreekt:

"Yes, I will drink your blood, that I may forget the blood of Beleg my master, and the blood of Brandir slain unjustly. I will slay you swiftly." (256)

Dit zijn sprekende overeenkomsten die laten zien dat Tolkien vaak tapte uit verschillende bronnen binnen de Europese literatuurgeschiedenis, overigens ook in zijn andere werken. Daar maakte hij overigens geen geheim van, daar hij de verbinding met Sigurd en Kullervo noemt in zijn brieven. [5] Het is duidelijk dat Tolkien zichzelf beschouwde als een onderdeel van een rijke verteltraditie. Door bewust motieven uit oudere heldenverhalen in zijn boeken te verwerken benadrukt hij die positie, en verankert hij de verhalen daarin. Zijn werk is onderdeel van een traditie die teruggaat op heldenliederen en -epen zoals die tientallen eeuwen geleden gezongen en verteld moeten zijn. Bij deze traditie gaat het niet (alleen) om originaliteit, maar ook om het uitdrukken van cultureel belangrijke begrippen als heldendom en lot. Deze beide zijn dan ook in het bijzonder van toepassing op Túrin. Na veel verdriet en beproevingen te hebben doorstaan noemt hij zichzelf op een gegeven moment Turambar, Meester van het Lot. Zijn Doem lag echter nog in het verschiet, en deze typische daad van hybris komt de tragische held duur te staan. Of het de vloek van Morgoth op Húrin's geslacht is die Túrin achtervolgt is niet duidelijk, maar aan het einde wordt pijnlijk duidelijk dat zelfs Túrin zijn Lot niet kan ontlopen. Hoe waar zijn de woorden van Niënor, gesproken toen zij voor het laatst zijn lichaam aanschouwde:

Farewell, O twice beloved! A Túrin Turambar turún' ambartanen: master of doom by doom mastered! O happy to be dead! (243-244)
[1] Alle citaten zijn afkomstig uit The Children of Húrin, zie literatuurlijst.

[2] Zie voor een iets uitgebreidere samenvatting http://en.wikipedia.org/wiki/T%C3%BArin.

[3] De Völsunga saga is onder andere online te lezen in het Engels op http://omacl.org/Volsunga/.

[4] Het verhaal van Kullervo is terug te vinden in runo 31-36 van de Kalevala. Voor een verdere vergelijking van J.R.R. Tolkien's werk en dat van Elias Lönnrot, de verzamelaar en bewerker van de Kalevala, zie Petty (2004).

[5] Zie Carpenter & Tolkien, Letters, p. 150.
Literatuurlijst:

Carpenter, Humphrey & Tolkien, Christopher (eds.) (1981 [1995]). The Letters of J.R.R. Tolkien. London: HarperCollins.
Tolkien, J.R.R. (1980 [2000]). Unfinished Tales of Númenor and Middle-Earth. London: HarperCollins.
Tolkien, J.R.R. (1977 [1998]). The Silmarillion. London: HarperCollins.
Tolkien, J.R.R. (2007). The Children of Húrin. London: HarperCollins.

Kalevala. The Land of the Heroes. Translated by W.F. Kirby (1907 [1969]). London, New York: Everyman's Library.
Petty, Anne C. (2004). "Identifying England's Lönnrot". In: Tolkien Studies 1. pp. 69-84.